Nieuwe pagina 0

DIE DEN DAG DOOR AAN MIJ DACHT

WEL TE RUSTE

Die den dag door aan mij dacht,
met mijn angst uw angsten suste,
wel te ruste.

Blauw en zuiver zij de nacht.
Neder dauwe sterrenpracht.
Engel, die mijn voorhoofd kuste,
wel te ruste.

Houd de kracht,
die ons heil te zamen bracht:
liefde, liefde, onuitgebluschte....
Wel te ruste.



193 Het boek der liefde, Amsterdam (J.M. Meulenhoff) 1921, 269 p.
14 Meidoorn, Amsterdam-Tielt (L.J. Veen - J. Lannoo) 1925, 91 p.
156 Het beste uit de gedichten van De Clercq, Zeist 1932, 196 p.
186 René De Clercq. Liederen, leeft! Sint-Niklaas 1977, 202 p.